Artikelen

Stap voor stap naar effectieve feedback

Praktisch stappenplan voor feedback op schrijfproducten

Monica Koster en Meike Korpershoek

 

Monica Koster is onderzoeker, ontwikkelaar en redacteur van MeerTaal.

 

Meike Korpershoek is docent Nederlands in het hbo en mbo.

Het kan erg frustrerend zijn als je veel tijd hebt besteed aan het geven van feedback en leerlingen lijken er niet veel van te leren. Hoe geef je feedback waar een leerling echt iets aan heeft? Monica Koster en Meike Korpershoek hebben hiervoor een stappenplan ontwikkeld. Aan de hand van een voorbeeld laten ze zien hoe je hiermee aan de slag kunt.

 

Het moment waarop je feedback geeft, is cruciaal voor de effectiviteit ervan

Het geven van feedback wordt op de menukaart van het Nationaal Programma Onderwijs genoemd als één van de effectieve interventies (OCW, z.d.). Feedback geven is een aantrekkelijke optie om de taalvaardigheid van leerlingen te vergroten, doordat je met relatief weinig kosten een groot effect kunt bewerkstelligen. Maar lang niet alle feedback is even effectief. Het moment in het schrijfproces waarop je jouw feedback geeft, is cruciaal voor de effectiviteit ervan. Het heeft weinig zin om feedback te geven op een eindproduct. Op dat moment zal de leerling de feedback voor kennisgeving aannemen, maar er verder niets mee doen. Vaak zit er tussen twee schrijfopdrachten ook veel tijd en is de feedback de volgende keer dat er een tekst geschreven moet worden alweer vergeten. Of er moet een ander soort tekst worden geschreven waarop deze specifieke feedback niet van toepassing is. Je geeft je feedback dus het best tussen twee tekstversies in. Dat geeft de leerling de gelegenheid om de tekst te verbeteren en iets te leren van de feedback. Het is hierbij belangrijk dat de feedback:

  1. de leerling inzicht geeft in zijn prestatie;
  2. de leerling verder helpt;
  3. de leerling motiveert om nog iets aan zijn tekst te verbeteren.

Om leraren te ondersteunen bij het geven van feedback, hebben wij op basis van inzichten uit wetenschappelijk onderzoek een stappenplan ontwikkeld voor het geven van effectieve feedback op leerlingteksten (Koster & Korpershoek, 2021, zie kader).

Stappenplan voor effectieve feedback

 

Stap 1: Het communicatieve doel

Bepaal of het communicatieve doel van de tekst bereikt wordt.

 

Stap 2: Sterke punten en verbeterpunten

Noteer kort enkele sterke en verbeterpunten die aansluiten op de opdracht.

 

Stap 3: Belangrijkste aandachtspunten

Bepaal twee à drie punten waarop je feedback wilt geven. Zorg dat deze aansluiten op de succescriteria en/of de behandelde stof. Geef de voorkeur aan hogere-orde-aspecten.

 

Stap 4: Kwaliteit van de tekst

Bepaal de kwaliteit op basis van het communicatieve doel. Afhankelijk van de kwaliteit schat je in wat voor type feedback nodig is.

 

Stap 5: Feedback

  1. Is de tekst relatief sterk? Geef dan voornamelijk faciliterende feedback op de hogere-orde-aspecten en op minder complexe fouten. Geef directieve feedback bij complexe grammaticale fouten en fouten waar geen regel aan ten grondslag ligt.
  2. Is de tekst relatief zwak? Geef ook dan faciliterende feedback op de hogere-orde-aspecten en bespreek de feedback goed na met de leerling. Geef directieve feedback bij complexe grammaticale fouten, fouten waar geen regel aan ten grondslag ligt en minder complexe fouten.

 

Stap 6: Controle

Lees je feedback nog eens. Controleer of je voldoende selectief bent geweest en of de formulering begrijpelijk is. Weet de leerling hoe hij heeft gepresteerd, hoe hij zijn tekst kan verbeteren en wordt hij daartoe voldoende gemotiveerd?

 

 

Hoe werk je met het stappenplan?

Aan de hand van een voorbeeldtekst (zie figuur 2) laten we zien hoe je met het stappenplan kunt werken. De tekst is geschreven door Teun* uit groep 7. De bijbehorende opdracht is te vinden in figuur 1.

Figuur 1 - De schrijfopdracht

 

Stap 1: het communicatieve doel

Allereerst bepaal je of de leerling met zijn tekst het communicatieve doel behaalt dat in de opdracht was gegeven. Het communicatieve doel van deze opdracht was: een oproep schrijven om een vermiste papegaai terug te vinden. Teun slaagt hier behoorlijk goed in: hij geeft een korte beschrijving van de papegaai, van wie de papegaai is en hoe je in contact kunt komen met de eigenaren van het dier. In de tekst ontbreekt alleen het moment waarop de papegaai is verdwenen en waar dit is gebeurd.

 

Stap 2: sterke punten en verbeterpunten

Bij stap 2 noteer je vervolgens enkele sterke en verbeterpunten die je opvallen bij het lezen van de tekst. Dit is geen uitgebreide analyse aan de hand van een beoordelingsformulier. Wat bij de tekst van Teun bijvoorbeeld opvalt is dat de boodschap kort en krachtig wordt overgebracht, dat er enkele spelling- en interpunctiefouten in de tekst zitten, dat er wat informatie ontbreekt die wel in de opdracht stond, en dat de naam van de afzender ontbreekt.

 

Stap 3: belangrijkste aandachtspunten

In stap 3 bepaal je op welke punten je precies feedback wilt geven. Voor effectieve feedback is het van belang dat je niet op elke slak zout legt, omdat een leerling daardoor niet meer overziet wat hij moet verbeteren en dan gedemotiveerd kan raken. Je moet dus selectief zijn en kiezen voor de twee of drie belangrijkste punten.

Figuur 2 - Leerlingtekst

 

Heeft de schrijfopdracht duidelijke succescriteria, dan neem je die als uitgangspunt. Of je kiest een aspect dat de focus is geweest in je instructie vooraf. De feedback moet voor de leerling niet uit de lucht komen vallen. Idealiter focus je eerst op de hogere-orde-aspecten van de tekst, zoals inhoud, structuur en stijl. Als een leerling daarin verbetering aanbrengt, heeft dat vaak een groter positief effect op de kwaliteit van de tekst dan wanneer leerlingen zich richten op lagere-orde-aspecten als grammatica, spelling, interpunctie en lay-out. Richt je daar dus pas in tweede instantie op, tenzij deze aspecten de leesbaarheid en begrijpelijkheid van de tekst echt belemmeren.

Teun kunnen we een compliment geven over het behalen van het communicatieve doel, met een opmerking over inhoud die nog ontbreekt. Daarna kunnen we nog iets zeggen over spelling en interpunctie.

 

Stap 4: kwaliteit van de tekst

De kwaliteit van de tekst is bepalend voor het soort feedback dat je geeft. Zwakke schrijvers hebben behoefte aan andere feedback dan sterke schrijvers. Daarom moet je voor het geven van je feedback bepalen of je met een zwakke, gemiddelde of sterke tekst te maken hebt. Een belangrijke aanwijzing hiervoor is in hoeverre de leerling erin slaagt het communicatieve doel te bereiken (zie stap 1). Teun is daar aardig in geslaagd, en we kunnen dus spreken van een gemiddelde tekst.

 

Manieren van feedback geven

 

Er zijn twee manieren om feedback te geven: directief en faciliterend. Bij directieve feedback maak je duidelijk wat en hoe een leerling moet verbeteren of corrigeer je de tekst. De regie van het verbeteren van de tekst ligt bij vooral bij de feedbackgever en niet bij de schrijver zelf. Bij faciliterende feedback zet je de leerling vooral aan het denken door het stellen van vragen, of het geven van een lezersreactie. Op deze manier blijft de leerling zelf eigenaar van de tekst. Over het algemeen is directieve feedback meer geschikt voor zwakkere schrijvers en voor feedback op lagere-orde-aspecten. Faciliterende feedback kan het best worden gebruikt voor sterkere schrijvers en hogere-orde-aspecten.

 

Stap 5: feedback

Bij deze stap ga je de feedback op zo’n manier verwoorden dat de schrijver er iets mee kan en gaat doen. Wij geven Teun faciliterende feedback op de hogere-orde-aspecten en directieve opmerkingen bij de lagere-orde-aspecten. Dit ziet er dan als volgt uit:

  1. Je hebt een duidelijke tekst geschreven waarin je een beschrijving van de papegaai geeft en uitlegt wat mensen die de papegaai vinden kunnen doen.
  2. In de opdracht staat ook dat je moet schrijven waar en wanneer de papegaai is verdwenen. Dat mis ik nu nog. Ook is het niet duidelijk wie jij bent en met wie de vinders dus contact op kunnen nemen.
  3. In jouw tekst zitten nog een paar fouten in de spelling en leestekens. Die heb ik gemarkeerd in de tekst. Zoek de regels nog eens op en verbeter de fouten.

 

Stap 6: controle

Bij de laatste check van je feedback kijk je of je voldoende selectief bent geweest, of je feedback begrijpelijk geformuleerd is en of je ook benoemt wat er goed gaat in de tekst. Het is voor een leerling van belang dat hij weet waar hij nu staat, wat hij kan doen om de tekst te verbeteren en dat hij gemotiveerd wordt om de tekst aan te passen. Geef de leerling hierbij de gelegenheid om de tekst te verbeteren op basis van de feedback. Anders kan je feedback nog zo selectief, begrijpelijk en motiverend zijn, maar leert de leerling er weinig van.

 

*Deze leerling heet in werkelijkheid anders.

Bronnen

  • Koster, M. & Korpershoek, M. (2021). Maak er geen punt van! Feedback geven op schrijfproducten. Bussum: Uitgeverij Coutinho.
  • Ministerie van OCW (z.d.). Feedback. Nationaal Programma Onderwijs. Geraadpleegd op 14 januari 2022 van https://www.nponderwijs.nl/interventies/feedback
Deel dit artikel